Het werk van een glazenwasser klinkt misschien saai: emmer water, spons, trekker en gaan. Maar wie ooit zelf ramen heeft gelapt, weet dat er veel meer bij komt kijken. Het is een fysiek zwaar beroep dat vaak buiten wordt uitgevoerd, weer of geen weer. En misschien nog wel het leukste: tijdens het werk krijg je vaak een blik in een andere wereld, achter ramen waar je normaal nooit naar binnen zou kijken.
Soms gaat dat om een kantoor vol mensen die in stilte achter hun scherm zitten. Een andere keer zijn het bewoners die midden in het huishouden zitten, een kat die nieuwsgierig toekijkt of een kind dat enthousiast naar de glazenwasser zwaait. Het beroep heeft dus een verrassend sociale kant, zelfs al vindt dat contact vaak plaats door glas.
Een beroep met risico’s
Waar men vaak niet bij stilstaat, is de spanning die dit werk kan meebrengen. Glazenwassers werken regelmatig op grote hoogte, bungelend aan een bak of hangend in een gordel langs de gevel van een torenflat of kantoorpand. Een misstap kan grote gevolgen hebben. Niet voor niets moeten glazenwassers uitgebreide veiligheidstrainingen volgen en is de uitrusting streng gereguleerd.
Maar juist die hoge werkplek maakt dat ze soms bijzondere dingen zien. Vanuit een positie waar niemand anders komt, kijk je letterlijk neer op de stad, het verkeer en het leven dat beneden gewoon doorgaat.
“Kopje koffie, glazenwasser?”
Iedereen kent de uitdrukking wel. Soms klinkt hij als grapje vanaf de straat of uit een raam dat net wordt gelapt. Het is een beetje folklore geworden. Voor de glazenwasser is het vaak een luchtige onderbreking van het zware werk. En wie geluk heeft, krijgt inderdaad een kop koffie aangereikt.
Toch is er nog een andere kant aan die vraag. Want de glazenwasser kan – al dan niet gewenst – ook getuige zijn van taferelen die zich binnen afspelen. Een gezellig ontbijt, een verhitte discussie, of iemand die juist helemaal niet doorheeft dat hij bekeken wordt.




